Ontlastingsincontinentie
Het niet kunnen ophouden van de ontlasting, in medische termen faecesincontinentie of ontlastingsincontinentie genoemd, komt vrij veel voor. Naar schatting zijn er in Nederland tussen de 50.000 en 200.000 mensen met deze kwaal. De meeste mensen schamen zich ervoor en praten er niet over; zelfs niet met de huisarts. Slechts zo’n 5000 mensen krijgt medische of verpleegkundige hulp. In deze brochure krijgt u meer informatie over ontlastingsincontinentie. U kunt lezen welke klachten optreden, wat de oorzaken kunnen zijn en welke behandelingsmogelijkheden er zijn. Mocht u na het lezen van de brochure nog vragen hebben, bespreek deze dan met uw huisarts of bel de Infolijn van de Maag Lever Darm Stichting.
Wat is ontlastingscontinentie?
Ontlastingsincontinentie is het niet kunnen ophouden van ontlasting. Hier wordt in het dagelijks leven weinig of niet over gesproken. Als men het over incontinentie heeft, wordt vrijwel altijd urine-incontinentie bedoeld, het niet kunnen ophouden van de urine. In de media en via advertenties wordt veel aandacht aan urine-incontinentie besteed en dit is dan ook een ingeburgerd begrip. Dat is niet het geval met ontlastingsincontinentie, terwijl hier toch ook veel mensen mee te maken hebben. Dit komt omdat er nog steeds een groot taboe op rust. Mensen schamen zich voor hun kwaal en praten er met niemand over, zelfs niet met hun huisarts. Daardoor tobben ze heel wat af en hun kwaliteit van leven gaat erdoor achteruit, want velen durven nauwelijks nog mee te doen aan sociale activiteiten. Hoog tijd dus, om hier eens wat meer aandacht aan te besteden. Poepen in je broek is allesbehalve leuk, maar er is gelukkig meestal wel iets aan te doen.
‘Gezonde’ controle over de ontlasting
De ontlasting gaat vanuit de dikke darm naar het laatste deel, de endeldarm. Deze kan een vrij grote hoeveelheid ontlasting opvangen omdat hij flink kan uitzetten. Pas als de endeldarm vol is, krijgen we aandrang, het signaal om naar het toilet te gaan. Op dat moment komt er druk te staan op de anus. Gelukkig zorgt de kringspier van de anus ervoor dat de ontlasting blijft waar hij is, tot we op het toilet zitten en de kringspier het sein geven: alles OK, de poort mag open. De ontlasting komt dan terecht op de plaats van bestemming: de toiletpot.
Hebben we op het moment van aandrang geen gelegenheid om naar het toilet te gaan, bijvoorbeeld omdat er geen toilet in de buurt is, dan kunnen we de toiletgang normaal gesproken rustig een tijdje uitstellen. Het aandranggevoel verdwijnt en komt pas terug op het moment dat er weer nieuwe ontlasting in de endeldarm terechtkomt.
Bij het ophouden van de ontlasting spelen de bekkenbodemspieren ook een belangrijke rol. De bekkenbodem is de spierplaat onder in de buikholte die, behalve bij de stoelgang, ook een rol speelt bij het ophouden van urine en het ondersteunen van organen in de buikholte.
Wat zijn de klachten?
Voorop staat uiteraard het niet kunnen ophouden van de ontlasting. Dat kan van mens tot mens verschillen:
Sommige mensen, vooral bejaarden, merken niet eens dat ze in hun broek poepen omdat ze het aandranggevoel niet meer kunnen waarnemen
Anderen voelen het wel, maar kunnen bij aandrang het toilet niet op tijd bereiken
Er zijn ook mensen die hun ondergoed bevuilen door het verlies van kleine beetjes, vaak wat slijmerige, ontlasting. De echte grote boodschap doen ze wel op het toilet
Andere klachten
Andere veel voorkomende klachten zijn:
verspreiden van vieze lucht. Dit veroorzaakt vaak weer een gevoel van:
- schaamte;
en hierdoor raken mensen in een:
- sociaal isolementverlies van slijm
weinig controle over ‘windjes laten’
pijn en jeuk aan de anus
geïrriteerde huid rond de anus
bevuilde kleding
