Het behandelprogramma duurt meestal zes tot tien weken. U komt twee tot drie keer per week naar de afdeling Revalidatiedagbehandeling (route 0.10).
De eerste vier weken (observatiefase) worden gebruikt om te kijken welke problemen u heeft door de ziekte van Parkinson in het dagelijks leven. U heeft gesprekken met de fysiotherapeut, ergotherapeut, logopedist en maatschappelijk werker. Als er problemen zijn met stemming of denken, is er ook een gesprek met de psycholoog. In deze fase beginnen we vaak al met behandeling en geven we informatie en adviezen. Samen bepalen we de doelen voor de rest van de behandeling.
Na de observatiefase is er een teamoverleg. Alle therapeuten en de revalidatiearts bespreken wat ze hebben gezien. Ze maken een plan voor de verdere behandeling. De revalidatiearts ziet u terug om het verdere plan te bespreken.
Aan het einde van het programma wordt gekeken of verdere therapie in uw eigen omgeving nodig is. Als dat zo is, wordt u doorverwezen naar een gespecialiseerde therapeut. De revalidatiearts vertelt uw neuroloog en huisarts hoe het is gegaan. Na ongeveer vier maanden volgt een afsluitende controle op de polikliniek.