Inleiding
Colposcopie: onderzoek van de baarmoederhals

Een colposcopie is een kijkonderzoek van de baarmoedermond. Hierbij gebruikt uw behandelaar een aangepaste microscoop - een zogenaamde colposcoop.


Een colposcopie is een kijkonderzoek van de baarmoedermond. Hierbij gebruikt uw behandelaar een aangepaste microscoop - een zogenaamde colposcoop.
Bereid u voor en houd u aan de onderstaande instructies.

Als u ongesteld bent op de geplande datum, of denkt dan ongesteld te zijn, kunt u het onderzoek beter uitstellen. Door het bloed kunnen de cellen niet goed bekeken worden in het laboratorium. Neem in dat geval tijdig contact op met de polikliniek gynaecologie om uw afspraak te verzetten.
Het beste moment voor een colposcopie is tussen twee menstruaties in.

Dan kan het onderzoek waarschijnlijk wel doorgaan. Bespreek dit met uw arts.

Heeft u een spiraaltje? Deze kan gewoon blijven zitten tijdens het onderzoek.
Bereid u voor door de onderstaande stappen goed door te lezen.

Meld het uw behandelaar als u allergisch bent voor bepaalde medicijnen, contrastvloeistof of andere stoffen zoals jodium of pleisters.
Bereid u voor door de onderstaande stappen goed door te lezen.

Een geldig legitimatiebewijs (identiteitskaart, rijbewijs, paspoort).
Hoe uw onderzoek in zijn werk gaat.

Bekijk hier mogelijke risico’s na uw onderzoek of behandeling.

Na het onderzoek kunt u direct naar huis en mag u zelf autorijden.

Als er bij het onderzoek weefsel is weggenomen, kunt u last hebben van bloedverlies. Dit bloedverlies kan een paar dagen duren.
Zolang u bloed verliest, is het wondje op de baarmoedermond nog niet genezen. Daarom kunt u tot het bloedverlies stopt beter niet zwemmen, in bad gaan, tampons gebruiken of gemeenschap hebben.
Wel kunt u na het onderzoek gewoon douchen.

Als er een biopt wordt afgenomen, wordt dit in een laboratorium onderzocht. Hierdoor kan de uitslag niet direct met u besproken worden. Meestal is de uitslag binnen 2 weken bekend. Uw behandelaar bespreekt met u de uitslag.

Koorts krijgt of als het bloedverlies toeneemt (meer dan een normale menstruatie).
Als het nabloeden langer duurt dan een week.
Meer informatie over uw onderzoek of behandeling

De uitslag van het baarmoederhalsonderzoek door de gynaecoloog wordt uitgedrukt in CIN. CIN is een afkorting van Cervicale Intra-epitheliale Neoplasie. Er zijn drie CIN classificaties:
CIN 1: Lichte afwijking
CIN 2: Matige afwijking
CIN 3: Ernstige afwijking

CIN 1:
Er is geen behandeling nodig
De afwijkende cellen verdwijnen meestal vanzelf
Er moeten wel vervolguitstrijkjes gemaakt worden om dit te controleren
CIN 2:
Hierbij is soms behandeling nodig
Ook deze afwijkende cellen kunnen vanzelf verdwijnen
Uw behandelaar geeft advies om af te wachten of te behandelen. Hierbij houdt zij/hij rekening met uw leeftijd en of u nog een kinderwens heeft
CIN 3:
Uw behandelaar raadt een behandeling aan
De kans is klein dat de afwijking vanzelf verdwijnt
Past de uitslag van uw uitstrijkje én wat de gynaecoloog ziet tijdens het onderzoek bij een CIN 3 afwijking? Dan kan uw behandelaar besluiten om tijdens het onderzoek geen biopten af te nemen, maar direct een behandeling te plannen.

Op de website van De Gynaecoloog (NVOG) is meer informatie te vinden over een afwijkend uitstrijkje.