Inleiding
Immunotherapie
U krijgt binnenkort een behandeling met immunotherapie. Hier krijgt u meer informatie over de behandeling.

U krijgt binnenkort een behandeling met immunotherapie. Hier krijgt u meer informatie over de behandeling.

Voor de behandeling krijgt u een bloedonderzoek. We kijken of uw lever en nieren goed werken. Ook kijken we of uw lichaam genoeg nieuwe bloedcellen maakt. Tijdens de behandeling krijgt u vaker een bloedonderzoek. Zo zien we of uw lichaam klaar is voor de volgende chemokuur.
Word niet zwanger tijdens de behandeling. De medicijnen zijn slecht voor een baby in de buik. Gebruik anticonceptie (voorbehoedsmiddelen). Soms moet u ook na de behandeling nog een paar maanden anticonceptie gebruiken. Uw arts vertelt u wat u moet doen.

Van de medicijnen kunt u slaperig of duizelig worden. Overleg met uw arts of u na de behandeling zelf naar huis mag rijden.
Een gezond gebit is belangrijk. Ga vóór de behandeling naar de tandarts. Laat uw gebit controleren en behandelen als dat nodig is.
Vertel uw arts welke medicijnen en vitamines u gebruikt. Ook producten zoals wiet-olie moet u melden. De arts bespreekt met u welke medicijnen u mag blijven gebruiken. Soms krijgt u extra medicijnen die u helpen bij de behandeling.

Heeft u een allergie? Vertel dit aan uw arts.

Tijdens de behandeling komt u vaak naar het ziekenhuis voor controle. Soms wordt er een scan of echo gemaakt tussen de behandelingen door. Zo kijkt de arts of de tumor kleiner is geworden. De arts bespreekt met u of dit bij u nodig is, en wanneer dit gebeurt. Bij immunotherapie is vaak pas na 3 maanden te zien of de behandeling goed werkt.
Goed eten is belangrijk. Het helpt uw lichaam sterk te blijven tijdens de behandeling. Zorg dat er genoeg energie, eiwitten, vitamines, vocht en mineralen in uw eten zit.
Let op:
Gebruik vlak voor of na de behandeling geen voedingssupplementen met visolie. Eet ook geen vette vis (zoals haring of makreel) vlak voor of na de kuur. De verpleegkundige vertelt u of dit voor u geldt.
Gebruik geen kruiden zoals Sint-janskruid of Chinese kruiden. Deze kunnen de behandeling minder goed laten werken.
Bespreek altijd met de arts welke supplementen of vitamines u gebruikt. Soms moet u daarmee stoppen.
Tijdens de behandeling kunt u minder zin hebben in eten hebben. U kunt afvallen. Dat is niet goed voor de behandeling, want de arts gebruikt uw gewicht om de juiste hoeveelheid medicijnen te geven. Blijf daarom op hetzelfde gewicht. Lukt dat niet? De verpleegkundige of arts kan u doorsturen naar een diëtist.

Rookt u? Probeer te stoppen met roken. Roken is slecht voor de behandeling.
Drink geen alcohol vanaf 24 uur vóór tot 48 uur na de chemokuur. Ook op andere dagen: drink weinig alcohol.
Probeer te blijven bewegen. Bewegen helpt tegen vermoeidheid en andere bijwerkingen. U houdt de behandeling dan beter vol. De verpleegkundige kan u helpen om te sporten bij een speciale fysiotherapeut.
Bekijk hieronder uw behandeling als animatie.

Immunotherapie krijgt u vaak in combinatie met andere behandelingen, zoals een operatie, radiotherapie, doelgerichte therapie, chemotherapie of hormonale therapie.

Hoe lang de behandeling duurt, is bij iedereen anders. Dat hangt af van:
Het soort medicijn.
De soort kanker.
De behandeling kan een paar weken duren, maar ook een paar jaar. Na de behandeling blijft u onder controle.

Bij immunotherapie krijgt u medicijnen die uw afweersysteem sterker maken. Daardoor kan uw lichaam de kankercellen beter aanvallen. Maar: soms herkent uw afweersysteem ook gezonde organen als “vreemd”. Dan valt uw lichaam zichzelf aan. Dit heet een auto-immuunreactie.
Wanneer ontstaan de bijwerkingen?
De bijwerkingen kunnen:
tijdens de behandeling ontstaan;
maar ook pas weken later, als u al gestopt bent met de behandeling.
De klachten kunnen mild zijn, maar ook ernstig.
Wat moet u doen?
De verpleegkundige vertelt u wanneer u contact moet opnemen met het ziekenhuis. Let goed op uw lichaam. Als u op tijd belt en snel de juiste behandeling krijgt, kunnen de meeste bijwerkingen goed herstellen.

Als u te horen krijgt dat u kanker heeft, komt er veel op u af. U krijgt veel informatie en het kan emotioneel zwaar zijn. Dit geldt niet alleen voor uzelf, maar ook voor uw partner, familie of andere naasten. De behandeling van kanker gaat niet alleen over het bestrijden van de ziekte. Veel mensen die kanker hebben (of hebben gehad), merken dat de ziekte en de behandeling hun leven veranderen. Soms houden ze klachten, zoals pijn, vermoeidheid of moeite met gevoelens. Dit kan invloed hebben op het dagelijks leven.
Bespreek deze klachten met uw arts of verpleegkundige. Zij kunnen u helpen of doorverwijzen voor extra steun.
Soms is het fijn om uw ervaringen en gevoelens te delen met iemand in een vergelijkbare situatie. Lotgenoten kunnen elkaar vaak makkelijker begrijpen. Lotgenoten kunt u ontmoeten via een patiëntenorganisatie of via een IPSO-centrum. Deze centra zitten op verschillende plekken, zoals:
Dronten (Toon Hermans huis)
Harderwijk (De Maretak)
Lelystad (Inloophuis Passie)
Zeewolde (Toon Hermans huis)
Ook via www.kanker.nl kunt u lotgenoten ontmoeten.

Wilt u meer weten over de behandeling van kanker? Bekijk de volgende websites: