Intensive Care
Uw naaste ligt op de Intensive Care (IC). Er gebeurt veel op de IC en u krijgt veel informatie. In deze folder zetten we de belangrijkste informatie voor u op een rij. Zo kunt u alles op uw gemak nog eens lezen of praktische dingen opzoeken.
Een opname op de IC kan van tevoren gepland zijn, bijvoorbeeld voor een grote operatie. Maar uw naaste kan ook onverwacht opgenomen zijn, bijvoorbeeld na een ongeluk of een andere ernstige situatie.
Deze folder vervangt niet de informatie die u persoonlijk van de zorgverleners krijgt. Het is een aanvulling. Heeft u vragen? U kunt deze altijd stellen aan de artsen en verpleegkundigen. Zij helpen u graag.
Behandelteam en ondersteuners
Op de Intensive Care (IC) werken de volgende zorgverleners:
Intensivisten: Dit zijn artsen die gespecialiseerd zijn in de zorg op de Intensive Care. Zij zijn de hoofdbehandelaars op de IC. Andere specialisten, zoals chirurgen of internisten, geven advies.
IC-verpleegkundigen: Dit zijn verpleegkundigen die een speciale opleiding hebben gevolgd voor de IC.
Verschillende ondersteunende medische diensten.
Op de IC houden verpleegkundigen de patiënten voortdurend in de gaten met behulp van verschillende apparaten. Ze letten onder andere op de hartslag, bloeddruk en ademhaling. Als u bij uw naaste bent, hoort u vaak verschillende piepjes en geluiden. De verpleegkundigen en intensivisten weten precies wat deze geluiden betekenen en grijpen meteen in als dat nodig is.
Elke IC-kamer heeft een camera. De camera staat meestal uit. Soms gaat de camera even aan, bijvoorbeeld als een patiënt onrustig is of alleen moet blijven. De beelden worden niet bewaard. Tijdens verzorging of als u het vraagt, gaat de camera uit. We vertellen het u als de camera aan moet.
Eilandverpleging
Bij ons op de afdeling doen we aan eilandverpleging. Dat betekent dat alles rond het bed van de patiënt samen een eiland vormt: het bed, de patiënt zelf en alle spullen eromheen. Als de zorgverleners de patiënt of het bed aanraken, wassen ze hun handen en trekken ze een schort en handschoenen aan. Als ze weggaan, doen ze de handschoenen en het schort uit en wassen ze hun handen opnieuw.
Als u op bezoek komt, vragen we ook aan u om de handen te desinfecteren. Heeft u vragen? Stel ze gerust aan de verpleegkundigen.
Isolatie
Soms moeten we uw naaste apart behandelen en verzorgen. Dit noemen we 'in isolatie'. Dit gebeurt als er is vastgesteld (of als er een kans is) dat hij of zij een micro-organisme bij zich draagt dat gevaarlijk kan zijn voor andere patiënten. Zo'n micro-organisme kan zich verspreiden door aanraking of door de lucht, bijvoorbeeld als iemand hoest of niest. We proberen besmetting te voorkomen door isolatiemaatregelen te nemen. We vragen u om de instructies te volgen die we geven.