Keizersnede (Sectio)

Keizersnede (Sectio)

De keizersnede

Er kunnen verschillende redenen zijn waarom je baby geboren wordt via een keizersnede. De gynaecoloog bespreekt dit met je.

Uitleg over de keizersnede

Hoe lang duurt een keizersnede?

De operatie duurt ongeveer 45 minuten. De baby wordt meestal binnen een kwartier na het begin van de operatie geboren.

Meekijken tijdens de geboorte

Jij en je partner kunnen meestal meekijken tijdens de geboorte van de baby. Dan gaat even het steriele doek naar beneden. Zo kunnen jij en je partner de baby geboren zien worden.

Voorbereiden

Voorbereiding thuis

Nuchter zijn voor de ingreep

Voor deze ingreep is het noodzakelijk dat je nuchter bent. Dat betekent dat je vanaf een bepaald tijdstip niet meer mag eten en drinken. De anesthesioloog en/of andere medewerkers zullen hierover uitleg geven.

De datum van de keizersnede

Via het ziekenhuis hoor je op welke datum de keizersnede is gepland. Als het kan, is dit na 39 weken zwangerschap. Het is namelijk bekend dat kinderen die na 39 weken zwangerschap per keizersnee geboren worden, minder startproblemen hebben.

De bevalling kan ook eerder beginnen. Je bespreekt van tevoren met de gynaecoloog wat er dan gebeurt.

Verschillende afspraken

In de laatste weken voor de keizersnede krijg je verschillende afspraken om de operatie goed voor te kunnen bereiden:

  • Je krijgt een afspraak met de anesthesioloog op het POS (pre-operatief spreekuur). Dit is de specialist die zorgt voor de ruggenprik tijdens de keizersnede. Je bespreekt de voorbereiding op de operatie, of je moet stoppen met bepaalde medicijnen en de verdoving tijdens de operatie.

  • De polikliniek assistente controleert of alle afspraken en onderzoeken zijn gemaakt.

  • Je moet naar het laboratorium om wat bloed te laten afnemen.

Draag geen sieraden, horloge, piercings en make-up

In verband met hygiëne en veiligheid moeten horloge, sieraden (ook (trouw) ring en oorbellen), piercings en contactlenzen af/uit.

Vóór de operatie verwijder je make-up en nagellak. Je mag wel normale dagcrème gebruiken.

Voorbereiding op de operatie

Hartfilmpje van de baby (CTG)

Voor de operatie wordt er een hartfilmpje van de baby gemaakt. Dit wordt een CTG genoemd.

De verdoving

In de meeste gevallen wordt er een ruggenprik gegeven als verdoving voor de operatie.

Blaaskatheter

Op de operatiekamer krijgt u een blaaskatheter. Dit is een slangetje in de blaas zodat uw blaas tijdens de ingreep leeg blijft.

Echo bij stuitligging

Ligt de baby in stuitligging? Dan krijg je vlak voor de operatie nog een echo om te kijken of de baby nog steeds in stuitligging ligt. Het kan namelijk gebeuren dat de baby toch nog gedraaid is. In dat geval is een vaginale bevalling waarschijnlijk goed mogelijk en gaat de operatie niet door.

Aanwezigheid van uw partner of naaste op de operatiekamer

Je partner (of een naaste) mag in principe mee naar de operatiekamer. De verpleegkundige zorgt voor de begeleiding. Alleen bij het geven van de ruggenprik moet de partner even in een andere ruimte wachten.

In verband met de hygiëne mag ook je partner geen sieraden, horloges en piercings dragen. Je partner moet een speciaal OK-pak aan en een OK-muts op. Dit OK-pak wordt over de normale kleding gedragen.

Foto's en video-opnames

Foto's worden door een verpleegkundige of andere medewerker gemaakt, als dat mogelijk is. Video-opnames zijn niet toegestaan op de operatiekamer.

Na de operatie

Uitslaapkamer

Uitslaapkamer en zorg voor uw baby

Op uitslaapkamer worden er nog wat controles gedaan, zoals bloeddruk en temperatuur, controleren of je niet teveel vloeit en hoe het met de wond gaat. De verpleegkundige zorgt voor de baby, doet metingen en controles en ondersteunt bij de eerste voeding.

Als er extra zorg voor de baby nodig is, dan kan het zijn dat de baby samen met je partner naar de couveuseafdeling gaat.

Zorg voor jou

Eten en drinken na de operatie

Via het infuus krijg je nog vocht. Je mag gelijk na de operatie weer beginnen met drinken en eten.

Infuus

Als eten en drinken goed gaat en je niet teveel bloed verloren bent, wordt al snel het infuus verwijderd.

Pijn

Als de verdoving van de ruggenprik is uitgewerkt, krijg je langzaam het gevoel in buik en benen weer terug. Je kunt pijn aan de wond voelen en soms last hebben van pijnlijke naweeën. Je krijgt hiervoor pijnstillende medicijnen. De verpleegkundige vraagt regelmatig hoeveel pijn je hebt.

Blaaskatheter

De verpleegkundige verwijdert de volgende dag de blaaskatheter. Je kunt dan weer zelf naar het toilet lopen.

Trombose voorkomen

Om trombose (klontering van het bloed) te voorkomen krijgt je één keer per dag een injectie (fraxiparine) onder de huid van het bovenbeen. Daarnaast is het belangrijk om snel weer in beweging te komen.

Bloedarmoede

Als je veel bloed verloren bent bij de operatie, wordt de dag na de operatie bloed afgenomen om te kijken of je bloedarmoede heeft. Als het nodig is krijg je ijzertabletten of een bloedtransfusie.

Hechtingen

De hechtingen lossen vanzelf op.

Snel weer in beweging

Meteen na de operatie kun je rustig weer gaan bewegen. Eerst kom je op de rand van het bed en ga je op een stoel zitten. Daarna probeer je steeds iets meer. Je kunt je slap en duizelig voelen bij het opstaan. Dat wordt steeds beter.

De dag na de operatie helpt de verpleegkundige je met douchen.

Zorg voor je baby

De eerste zorg voor je baby

We zorgen zo snel mogelijk voor huid op huidcontact met je baby. Meestal al op de operatiekamer.

De verpleegkundige of kraamverzorgster houdt je baby goed in de gaten. Zij let op het gedrag en meet regelmatig de temperatuur, dagelijks het gewicht en let op plas- en poepluiers. Ook krijgt je baby vitamine K.

Tijdens de opname begeleiden we jullie in het verzorgen van de baby.

Voeding

Als je borstvoeding wilt geven, word je zo snel mogelijk geholpen met het aanleggen van de baby. Bij flesvoeding krijgt je baby na één tot twee uur het eerste flesje.

Als de baby nog niet aan de borst mag of wil, kun je de moedermelk afkolven. De verpleegkundige helpt bij het kolven. De melk kun je dan aan de baby geven.

24 uur per dag op uw kamer

De baby ligt 24 uur per dag bij je op de kamer. Dit noemen we rooming-in. Ook je partner kan bij je blijven om zoveel mogelijk bij de zorg betrokken te zijn.

Couveuseafdeling

Soms is het nodig dat de baby na de keizersnede opgenomen wordt op de couveuseafdeling. Je kunt zo vaak je wilt bij de baby zijn. De verpleegkundige van de couveuseafdeling maakt afspraken met je over de verzorging en voeding.

Je krijgt een code voor het downloaden van een app om live beelden van de baby te zien als je niet op de couveuseafdeling bent.

Naar huis

Naar huis

Naar huis

In principe mag je, als er geen complicaties optreden, na 24 uur weer naar huis. Als je zorgverlener de definitieve datum heeft besproken, kun je zelf de kraamzorg regelen.

De verpleegkundige laat je verloskundige weten dat u naar huis gaat.

Je krijgt een afspraak voor een nacontrole bij de gynaecoloog of klinisch verloskundige.

Voordat je naar huis gaat wordt de baby nagekeken door de kinderarts. Je krijgt formulieren mee voor de kraamzorg en een bewijs van geboorte om aangifte te doen bij de Burgerlijke Stand van de gemeente Harderwijk. Brieven aan de huisarts en verloskundige worden digitaal verstuurd.

Complicaties

Bekijk hier uw nazorg en lees over mogelijke risico’s en complicaties.

Complicaties na een keizersnede

De keizersnede is een grote buikoperatie. Aan elke operatie zitten risico’s, dus ook aan de keizersnede. Gelukkig zijn ernstige complicaties zeldzaam, zeker als je gezond bent.

De meest voorkomende problemen na een keizersnede zijn: bloedarmoede, een blaasontsteking, een beschadiging van de blaas, een nabloeding in de buik, wondinfectie, trombose of darmen die niet op gang komen.

De meeste problemen zijn slechts tijdelijk en goed te behandelen.

Leefregels

Herstel na een keizersnede

Het herstel van een keizersnede duurt langer en brengt andere problemen met zich mee dan het herstel na een normale bevalling. Je bent namelijk niet alleen (opnieuw) moeder geworden, maar ook herstellende van een buikoperatie.

De snelheid van het herstel hangt af van een aantal persoonlijke omstandigheden, zoals de conditie voor de operatie, het verloop van de operatie en je leeftijd.

Activiteiten

Geef de wond tijd om te herstellen. Vermijd daarom de eerste zes weken zwaar lichamelijk werk en zwaar tillen.

Je kunt gaandeweg de activiteiten uitbreiden (licht huishoudelijk werk, kleine boodschappen). Luister naar je lichaam.

Bewegen, fietsen en autorijden

Wij adviseren je de eerste 2 weken niet te fietsen of auto te rijden. Je kunt dit pas doen wanneer je je goed kunt concentreren en wanneer je goed en snel kunt bewegen.

Zes weken na de operatie kun je met sporten beginnen. De verschillende lagen van de buikwand zijn dan goed genezen.

Vermoeidheid

Vermoeidheid komt in de kraamtijd veel voor. We adviseren om voldoende rust te nemen.

Litteken

Omdat bij een bikini-snede (het horizontale litteken) zenuwen in de buikwand zijn doorgesneden, kan het gebied rond het litteken doof of juist extra gevoelig zijn.

Daarnaast kan het litteken een trekkend gevoel geven. Dit komt door de inwendige hechtingen. Je hoef je hier geen zorgen over te maken.

Anticonceptie en het hebben van gemeenschap

Voor het gebruik van voorbehoedsmiddelen geldt hetzelfde als na een normale bevalling. Ook nu geldt dat borstvoeding geven geen anticonceptiemiddel is.

Gemeenschap wordt afgeraden zolang er nog bloederige afscheiding aanwezig is. Deze afscheiding blijft meestal vier tot zes weken. Als er na gemeenschap bloederige afscheiding optreedt hoef je je hier geen zorgen over te maken. We adviseren dan wel om te wachten met het hebben van gemeenschap tot na de nacontrole bij de gynaecoloog.

Weer zwanger worden en een volgende bevalling

Het advies is om het eerste half jaar na de keizersnede niet zwanger te worden. Hierdoor kan de wond in de baarmoeder goed herstellen.

Of bij een volgende bevalling weer een keizersnede nodig is, hangt af van de reden van de eerste keizersnede. Bespreek daarom bij de nacontrole hoe groot de kans is dat je bij een volgende keer normaal kunt bevallen.

Een volgende bevalling moet altijd wel onder leiding van een gynaecoloog in het ziekenhuis plaatsvinden.

Verdiepende informatie

Meer informatie

Meer algemene informatie over een keizersnede vindt u op de website degynaecoloog.nl