Inleiding
U komt naar het ziekenhuis voor een behandeling aan uw nierstenen. De behandeling vindt plaats met een niersteenvergruizer. Deze behandeling wordt ook ESWL genoemd.
Hier krijgt u informatie over de nieren, de nierstenen en de behandeling.

U komt naar het ziekenhuis voor een behandeling aan uw nierstenen. De behandeling vindt plaats met een niersteenvergruizer. Deze behandeling wordt ook ESWL genoemd.
Hier krijgt u informatie over de nieren, de nierstenen en de behandeling.
Bij zwangerschap of vermoeden van zwangerschap kan de behandeling niet plaatsvinden.
Heeft u een pacemaker/AICD of ICD? En heeft de uroloog of assistent hier niet naar gevraagd? Bel dan naar de afdeling urologie om dit door te geven.

Gebruikt u bloedverdunners? De uroloog bespreekt met u wat u moet doen. Is hierover niets afgesproken?
Bel dan met de poli urologie. Bent u na het bezoek bij de uroloog gestart met (andere) bloedverdunners? Ook dan neemt u contact op met de poli urologie.
Na de behandeling mag u niet autorijden, fietsen of op een andere manier deelnemen aan het verkeer.
Wij adviseren u om begeleiding en vervoer naar huis te regelen.

De uroloog schrijft de medicijnen tamsulosine en diclofenac voor en stuurt het recept naar uw apotheek. U haalt deze medicijnen vóór de behandeling op bij de apotheek.
De zetpil diclofenac 100 mg (pijnstiller) plaatst u 1 uur vóór de behandeling.
De tamsulosine gebruikt u na de vergruizing. Dit zorgt ervoor dat u het steengruis makkelijker uitplast.
De diclofenac tabletten zijn tegen pijn en gebruikt u alleen als dat nodig is na de behandeling.

Dag vóór de behandeling:
Tussen 12.00 en 14.00 uur mag u warm eten. U eet dan alleen wat op de lijst achterin de folder staat.
Tussen 18.00 en 20.00 uur mag u brood met beleg. Ook dan eet u alleen wat op de lijst staat.
Tijdens de behandeling mag u naar muziek luisteren met een koptelefoon of oordopjes.
Als ontbijt mag u brood met beleg eten wat achterin de folder staat.
Daarna mag u niet meer eten of drinken.
Plaats de zetpil diclofenac 1 uur vóór de behandeling.
Meld u op tijd bij de afdeling Radiologie (looproute 0.78). Er wordt een foto van uw buik gemaakt. De uroloog kijkt of de niersteen goed te zien is. Is de steen niet te zien, dan gaat de vergruizing (ESWL) niet door. Is de steen wel te zien, dan gaat de vergruizing door. Dit geldt ook als u via een ander ziekenhuis bent doorgestuurd.

De behandeling duurt ongeveer 60 minuten.
Heeft u meer dan één niersteen of een grote niersteen? Dan kan het nodig zijn dat de behandeling nog een keer gebeurt. De uroloog bespreekt dit met u.
Schokgolven maken een tikkend geluid. Ook voelt u een korte tik op uw rug.
Na de behandeling van nierstenen kunt u klachten krijgen. Dat is normaal. Hieronder leest u wat u kunt verwachten.

Bloed en/of gruis in urine
U plast het gruis uit. Bij de urine kan ook bloed zitten. Het is belangrijk om goed te drinken. Drink ongeveer 2 liter per dag. Zo kunt u het gruis goed uitplassen. Dit kan een paar weken duren.
Buikpijn of kolieken
Tijdens de behandeling ontstaat er gruis. Het gruis gaat via de urineleider en de plasbuis naar buiten. De urineleider kan dan verkrampen. Dit kan pijnlijk zijn en wordt ook wel koliekpijn genoemd. Gebruik hiervoor de Diclofenac tabletten. Heeft u koliekpijn? Drink dan niet te veel.
Blauwe plekken
Na de behandeling kunt u blauwe of rode plekken krijgen op de huid. Dit is op de plek waar het apparaat tegen uw lichaam zat.
Koorts
Sommige mensen krijgen een beetje koorts na de behandeling. Krijgt u meer dan 38,5 graden koorts of koude rillingen? Bel dan het ziekenhuis.
Misselijk
U kunt de eerste dagen na de vergruizing wat misselijk zijn.

U moet 7 dagen lang uw urine zeven als u plast. Het zeefje en het potje heeft u gekregen van de uroloog. Met het zeefje vangt u het gruis op. Deze bewaart u in het potje. De arts controleert of u het gruis goed uitplast. Soms wordt het gruis onderzocht op het laboratorium.
Neem het potje met gruis mee naar de afspraak bij de uroloog.
Wij adviseren om de eerste 24 uur niet alleen thuis te zijn. Bent u toch alleen? Zorg dan dat u een telefoon bij u heeft.
U mag gewoon douchen of in bad.
Heeft u koorts hoger dan 38,5 graden? Neem dan contact op met het ziekenhuis.

U mag alleen dit eten:
Brood:
Witbrood of beschuit (geen volkoren)
Boter, margarine of halvarine
Beleg: vleeswaren, kaas (zonder pitjes of kruiden), gekookt ei, jam zonder pitjes, suiker, vruchtenhagel, honing.
Warme maaltijd:
(Drink)bouillon (dus geen soep!)
Witte rijst, macaroni, spaghetti, gekookte aardappelen, aardappelpuree, goed gaar gekookte groenten (geen koolsoorten, prei, ui, bonen, spruitjes of broccoli), paprika, maïs
Vlees, vis, kip en jus (alle bereidingswijzen toegestaan)
Gladde vla, yoghurt
Dranken:
Koffie, thee, melk, karnemelk, yoghurt, limonadesiroop, water, appelsap, druivensap, gezeefd vruchtensap en bouillon.

Dit mag u niet eten:
Fruit
Maaltijdsoepen zoals bonen-, linzen-, uien- en erwtensoep
Knoflook, komkommer en radijs
Groenten zoals: koolsoorten, prei, ui, bonen, spruitjes of broccoli.