Speekselklieroperatie
Deze folder geeft u een globaal overzicht over operaties aan de speekselklieren. Bij het lezen van deze folder is het goed om u te realiseren dat bij het vaststellen van de aandoening de situatie bij iedereen weer anders is.
Behalve zeer veel kleine speekselklieren, die in de mond liggen, bestaat er een viertal grotere, die buiten de mond zijn gelegen. Het grootste deel van de speekselvloed wordt gemaakt door de vier grotere speekselklieren, die dus buiten de mond liggen. Onder beide kaakranden ligt een glandula (klier) submandibularis (onderkaaks). Aan beide zijden voor het oor ligt een grote speekselklier, de glandula parotis (naast het oor). Deze laatste speekselklier bestaat uit twee delen: een oppervlakkig deel en een diepgelegen deel. Tussen deze twee delen in verloopt een bijzonder belangrijke zenuw, de nervus (zenuw) facialis (aangezicht). Deze zenuw zorgt onder andere voor het sluiten van de lippen en het optrekken van de mond (lachen) en voor het sluiten van de oogleden.
Via een dunne buis wordt het speeksel uit deze klieren naar de mond gevoerd. Speeksel bevochtigt ingenomen voedsel en door het kauwen worden de enzymen (stoffen nodig voor de spijsvertering) uit het speeksel door het voedsel gemengd. Dit is de eerste stap uit het spijsverteringsproces.
In de speekselklieren kunnen ontstekingen of gezwellen ontstaan. In de afvoerbuizen naar de mond kunnen stenen voorkomen die de afvoer belemmeren en ook aanleiding kunnen geven tot ontstekingen. Speekselklieren zijn erg afhankelijk van voldoende vocht in het lichaam. U ervaart een tekort aan vocht al snel door het optreden van een droge mond.