Stabiliseren van de schouder

Stabiliseren van de schouder

In het kort 

In het kort

U heeft een instabiele schouder. Dit betekent dat de kop van de bovenarm niet goed voor de kom blijft zitten. Soms schiet de kop uit de kom, helemaal of voor een deel. Dit gebeurt vaak door een ongeluk. Als de schouder vaker uit de kom gaat, neemt de kans op schade toe.

Om de kans op extra schade te verkleinen, heeft u een operatie nodig. Hier leest u wat een instabiele schouder is. En welke operaties er mogelijk zijn.

Instabiele schouder 

Het labrum

Het labrum is een ring van kraakbeenachtig weefsel. De ring is soepel. Daardoor blijft de schouderkop in de kom zitten.

Oorzaken van een instabiele schouder

De meest voorkomende oorzaken voor een instabiele schouder zijn:

  • Overbelasting. Herhaalde bewegingen van uw arm boven uw hoofd kunnen problemen geven. Sporten zoals volleybal, zwemmen, golf en honkbal zijn risicovol.

  • Een ongeluk, zoals een val. Hierdoor kunnen onderdelen van de schouder beschadigd raken. 

  • Hypermobiliteit. Dat betekent dat uw gewrichten soepeler of beweeglijker zijn dan normaal. Dit komt doordat de banden rond uw gewrichten losser zijn.

Pijn of minder beweging in de schouder

Soms heeft u pijn in uw schouder. Of u kunt uw schouder minder goed bewegen. Een operatie kan hierbij helpen.

Klachten bij een instabiele schouder

  • Felle pijnscheuten. Meestal aan de voorkant van de schouder.

  • Pijnlijk gevoel in de schouder.

  • Klikkend gevoel in de schouder.

  • Onzeker gevoel in de schouder. Het voelt dan alsof de schouderkop uit de kom wil schieten.

  • Schouder deels uit de kom. Als de schouder vaker uit de kom is geweest kan dit snel weer gebeuren.

Meer schade tegengaan

Gaat uw schouder vaak uit de kom? Dan kan dit voor schade zorgen aan uw bot of kraakbeen. Een operatie zorgt ervoor dat uw schouder stabieler wordt. Zo gaat u extra schade tegen.

Voorbereiding

CT-scan of MRI-scan

Voor de operatie aan uw schouder maakt de zorgverlener een CT-scan of MRI-scan. Hierop kan de zorgverlener mogelijke schade aan uw schouder goed zien. De zorgverlener kan zich zo goed voorbereiden op uw operatie.

Vragenlijsten invullen

U krijgt een aantal vragenlijsten via MijnStJansdal. Het is belangrijk dat u deze thuis invult. Uw zorgverlener kijkt naar uw antwoorden.

Verdoving

De anesthesioloog is een arts die ervoor zorgt dat u geen pijn heeft tijdens de operatie. Deze operatie vindt plaats onder algehele narcose. Soms krijgt u ook een lokale verdoving, zodat u na de operatie minder pijn heeft.

Preoperatief spreekuur

De anesthesioloog bekijkt de vragenlijst die u thuis heeft ingevuld. Aan de hand van uw antwoorden beoordeelt de anesthesioloog of u geopereerd kunt worden. En beoordeelt of er nog extra onderzoek nodig is door een andere zorgverlener. Vul daarom de vragenlijst goed in.

Belangrijk

Bloedverdunners

Gebruikt u bloedverdunnende medicijnen? Geef dit aan bij uw zorgverlener. Misschien moet u voor de operatie stoppen met het slikken van deze medicijnen. Overleg dit altijd met uw zorgverlener.

Andere medicijnen

Gebruikt u andere medicijnen? Overleg met uw zorgverlener of u deze kunt blijven gebruiken. Uw zorgverlener kan u ook een lijst meegeven met de medicijnen die u gebruikt. Dit heet een actueel medicatieoverzicht (AMO).

Niet zelf autorijden

Na de operatie mag u niet zelf autorijden. Vraag daarom of iemand u na de operatie thuis kan brengen.

Fysiotherapie regelen

Na de operatie heeft u fysiotherapie nodig. Neem voor de operatie contact op met een fysiotherapeut bij u in de buurt. Zo kunt u na de operatie snel starten.

Hulp thuis

Misschien heeft u na de operatie hulp nodig in het huishouden of bij het doen van de boodschappen. Het is goed als u dit voor de operatie alvast regelt met bijvoorbeeld familie of vrienden.

Voor de operatie 

Belangrijk

Nuchter zijn

Voor de ingreep is het belangrijk dat u nuchter bent. Dat betekent dat u vanaf een bepaald tijdstip niet meer mag eten en drinken. Uw zorgverlener geeft u hierover meer informatie.

Het is belangrijk dat u zich aan deze regel houdt. De inhoud van de maag kan tijdens de ingreep in de luchtpijp of longen komen.

Houdt u zich niet aan de regels voor eten en drinken? Dan kan uw ingreep niet doorgaan.

Draag geen sieraden, nagellak of bodylotion.

Op de dag van de ziekenhuisopname moet u thuis douchen. Smeer uzelf niet in met crème of lotion. U krijgt namelijk plakkers op uw lichaam om u in de gaten te houden en anders plakken deze minder goed.

Make-up en nagellak moet u voor de operatie verwijderen. Sieraden moeten worden afgedaan. Piercings zijn alleen toegestaan als ze niet in de buurt van uw luchtweg of het te opereren gebied zitten en geen scherpe uiteinden hebben.

Wat neemt u mee?

Zorg ervoor dat u alle belangrijke documenten en eventuele medicijnen meeneemt naar het ziekenhuis. Soms blijft u 1 nacht in het ziekenhuis. Neem ook spullen mee voor een overnachting, zoals toiletartikelen en makkelijk zittende kleding.

De operatie 

Duur van de operatie

De operatie duurt ongeveer 1 tot 1,5 uur.

Foto van uw schouder

Zijn er schroeven geplaatst tijdens de operatie? Dan maakt de zorgverlener een röntgenfoto van uw schouder. Zo controleert de zorgverlener of alles na de operatie goed op zijn plaats zit.

Na de operatie 

Uitslaapkamer en verpleegafdeling

Na de operatie blijft u eerst op de uitslaapkamer. Hier wordt u goed in de gaten gehouden, tot u wakker wordt uit de narcose. Daarna gaat u naar de verpleegafdeling.

Sling dragen

Na de operatie krijgt u een sling om uw arm rust te geven. Het geeft uw schouder rust, zodat de schouder tijd krijgt om te herstellen. Uw zorgverlener legt u uit hoe u de sling moet dragen.

Uw zorgverlener geeft aan hoe lang u de sling moet dragen. Uw arm moet minstens 2 keer per dag uit de sling om oefeningen te doen.

Weer naar huis

Soms kunt u na de operatie dezelfde dag weer naar huis. Soms vindt uw zorgverlener het beter als u nog een nacht in het ziekenhuis blijft.

Controle

Na 2 en na 6 weken heeft u een controle in het ziekenhuis. Na 2 weken voor wondcontrole en na 6 weken bij de orthopeed. Heeft u een open operatie gehad? Uw zorgverlener maakt dan opnieuw een röntgenfoto om te controleren of de schroeven nog op dezelfde plek zitten als vlak na de operatie.

Herstel 

Duur van herstel

Hoe lang u moet herstellen, hangt af van uw situatie. U kunt rekenen op een herstel van minstens 4 tot 6 maanden.

Oefeningen doen

Het uitvoeren van oefeningen is heel belangrijk voor uw herstel. De oefeningen voor uw schouder doet u samen met een fysiotherapeut. Het is belangrijk om in de eerste week na de operatie te starten met fysiotherapie. U moet zelf uw eigen fysiotherapeut regelen. U krijgt een verwijzing van uw zorgverlener. 

Weer autorijden

U mag weer autorijden als u uw schouder weer volledig kunt belasten en geen draagband meer draagt. Daarvoor mag u niet autorijden.

Complicaties 

Bij elke operatie kunnen problemen voorkomen. Dit noemen we complicaties. De kans op complicaties is klein, omdat de operatie vaak gedaan wordt.

Vocht of bloed uit de wond

Soms komt er nog veel vocht of bloed uit de wond. Het is niet erg als dit op de eerste dagen na de operatie gebeurt. Gebeurt dit daarna ook nog? Neem dan contact op met uw zorgverlener.

Ontsteking van de wond of wondjes

De wond of de wondjes kunnen gaan ontsteken. U merkt dit aan roodheid, pijn of pus. Soms krijgt u koorts. Een ontsteking komt bijna nooit voor. Wordt de huid om de wond rood? Neem dan contact op met uw zorgverlener.

Schade aan zenuwen

Heel soms ontstaat er schade aan zenuwen tijdens de operatie.

Contact opnemen

Contact opnemen met uw zorgverlener

Neem contact op met u zorgverlener bij:

  • problemen met uw wond, zoals roodheid of wondlekkage

  • koorts hoger dan 39 graden

  • onvoldoende pijnstilling

  • erge zwelling

Bel tijdens kantooruren de polikliniek Orthopedie: 0341 - 46 37 70.

Bel bij spoed buiten kantooruren de huisartsenpost: 085 - 773 73 71.