Stoma en chemo, aanvullende informatie

Inleiding

Extra informatie voor mensen met een stoma die chemotherapie krijgen

De arts heeft met u gesproken over chemotherapie. Chemotherapie is een behandeling tegen kanker met medicijnen.

Deze medicijnen zorgen ervoor dat kankercellen stoppen met groeien of doodgaan. Deze medicijnen heten cytostatica.

Cytostatica kunnen bijwerkingen geven. Niet alle medicijnen geven dezelfde bijwerkingen.

Soms kan chemotherapie invloed hebben op de stoma of op de verzorging van de stoma.

Voeding en vocht

Soms kunt u door bijwerkingen misselijk worden. U kunt dan veel overgeven of diarree krijgen. Hierdoor verliest u veel vocht. Dit is extra belangrijk als u een dunne darmstoma heeft. Veel dunne ontlasting of minder plassen kan betekenen dat u te weinig vocht heeft.

U kunt diarree of verstopping krijgen. Daarom is het belangrijk om genoeg te drinken. Drink minimaal 2 liter per dag. Heeft u een dunne darmstoma? Drink dan minimaal 2,5 liter per dag.

Bij diarree is het goed om ORS of bouillon te drinken, naast uw gewone drinken. Neem contact op met de oncologieverpleegkundige van de poli interne geneeskunde. Misschien moet u Imodium gebruiken.

Door cytostatica kunt u minder trek hebben in eten. U kunt daardoor afvallen. Als uw gewicht verandert, kan uw stomamateriaal minder goed passen. Neem contact op met uw stomaverpleegkundige als het materiaal niet meer goed werkt.

Bij diarree of heel dunne ontlasting kunnen open zakjes of een high output stomazak handig zijn.

Stomaproduktie

Door het gebruik van cytostatica kan uw ontlasting veranderen. U kunt diarree of verstopping krijgen. Beide kunnen voorkomen.

Diarree kan ervoor zorgen dat uw stomamateriaal gaat lekken. Soms moet het stomamateriaal daarom tijdelijk worden aangepast . Uw stomaverpleegkundige kan u hierbij helpen en advies geven.

Huidproblemen

De huid rond de stoma kan van kleur veranderen. De huid kan bleek of grijs eruitzien. Dit is meestal niet erg. Twijfelt u hierover? Neem dan contact op met uw stomaverpleegkundige.

Door cytostatica kan de huid rond de stoma ook dunner en droger worden. Hierdoor kan het stomamateriaal minder goed plakken. Gebruik niet zomaar crèmes of lotions om de huid te beschermen. Overleg eerst met uw stomaverpleegkundige. Het is belangrijk dat u de juiste producten gebruikt op het juiste moment.

Stomaproblemen

  • De stoma bestaat uit hetzelfde gevoelige weefsel als de binnenkant van uw mond. Door cytostatica kan de stoma sneller gaan bloeden. Er kunnen ook zweertjes ontstaan, net zoals aften in de mond. Krijgt u zweertjes? Neem dan contact op met de oncologieverpleegkundige van de poli interne geneeskunde.

  • Door een ontstoken slijmvlies kan de stoma dikker worden en gaan bloeden. U kunt hierdoor diarree of buikpijn krijgen. U kunt uw oncoloog vragen om medicijnen tegen diarree.

  • Soms kan een deel van de darm naar buiten komen bij de stoma. Dit heet een prolaps.

  • Het slijmvlies van de stoma kan droger worden. Hierdoor kan de stoma aan het zakje blijven plakken.

  • De kleur van de stoma kan veranderen. De stoma kan lichter of donkerder worden. Soms ziet u ook kleine vlekjes op de stoma.

Hygiëne

In uw ontlasting en urine kunnen resten van cytostatica zitten. Houd hier rekening mee bij de verzorging van uw stoma. Krijgt u hulp bij de stomazorg? Vertel dan altijd dat u chemotherapie heeft gehad en wanneer dit was.

Tot 7 dagen na de laatste chemokuur of chemotablet moet u extra voorzichtig zijn met ontlasting en urine. Hoe lang dit precies duurt, hangt af van de behandeling. De oncologieverpleegkundige van de poli interne geneeskunde geeft u hierover informatie.

U kunt in deze periode handschoenen gebruiken. U kunt ook een kannetje of een stoma maatbeker gebruiken om uw stomazakje leeg te maken. Deze zijn verkrijgbaar bij de stomapoli of op de chemo-afdeling.

Stoma verzorgen

Het is het beste als u zelf uw stoma verzorgt. Let hierbij op de volgende dingen:

  • Leg van tevoren alle spullen klaar die u nodig heeft.

  • Probeer te voorkomen dat er ontlasting uit de stoma komt tijdens het wisselen van het stomazakje.

  • Doe gebruikt stomamateriaal eerst in een apart zakje voordat u het weggooit.

  • Leegt u het stomazakje in het toilet? Spoel het toilet dan 2 keer door met de deksel dicht. Gebruik niet de waterbesparende knop.

  • Was na de verzorging altijd uw handen met water en zeep.

  • Helpt iemand u bij de stomazorg? Dan moet die persoon wegwerphandschoenen dragen. Tijdens de periode met besmetting is het ook verstandig om een schort te dragen. Daarna moeten de handen goed gewassen worden met water en zeep.

  • Maak tijdens de besmette periode elke dag het toilet schoon. Gebruik geen chloor.

Bron: Richtlijnen Stomazorg Nederland V&VN, november 2018

Contact opnemen

Deze informatie is bedoeld voor mensen met een stoma. Wilt u meer algemene informatie over uw chemokuur of cytostatica? Neem dan contact op met uw behandelend arts of met de oncologieverpleegkundige van de poli interne geneeskunde.

Heeft u vragen of problemen die met uw stoma te maken hebben? Neem dan contact op met de stomaverpleegkundige van het ziekenhuis waar u wordt behandeld.

Stomapoli ziekenhuis St Jansdal Harderwijk
Maandag tot en met vrijdag: 8.30 -17.00 uur
Telefonisch spreekuur: 11.00 -11.30 uur

Telefoonnummer: 0341 -  46 35 94
E-mailadres: stoma.poli@stjansdal.nl